Sirius Weekly, 16 maart 2012

Posted on 16/03/2012 door

0


Beste lezers,

Onze Sirius Weekly is er enkele weken tussenuit geweest.  Het was erg druk bij ons en onze cliënten krijgen nu eenmaal altijd voorrang.

We zijn er echter deze week opnieuw met enkele leuke weetjes uit de wereld van de intellectuele eigendom.

Wisten jullie bijvoorbeeld dat…

Ook politievoertuigen auteursrechtelijk beschermd zijn?

Een vonnis dat ons zelf een beetje verbaasde kwam ons deze week aangewaaid vanuit Nederland. Een rechtbank in Zutphen veroordeelde daar een veiligheidsbedrijf voor inbreuken op het auteursrecht omdat ze op de zijkanten van hun wagens twee strepen aanbrachten die in strijd zouden zijn met de auteursrechtelijk beschermde strepen van de Nederlandse politie.

De Nederlandse politie betaalde in 1992 een aanzienlijke som om haar volledige look te laten ontwerpen door een extern bureau, dat daaropvolgend de auteursrechten op haar creaties overdroeg aan de Nederlandse overheid.  Hierin is volgens de Nederlandse overheid ook het auteursrecht begrepen op de twee schuine strepen in oranje en blauw die ze aanbrengt op de zijkant van haar wagens.

Een Nederlandse beveiligingsfirma gebruikt blijkbaar erg gelijkaardige strepen op de zijkant van haar wagens, maar uitgevoerd in andere kleuren.  Volgens de Nederlandse overheid is dat een inbreuk op het auteursrecht dat rust op het ontwerp van de politiewagens.

De Nederlandse rechter geeft de Nederlandse staat gelijk en veroordeelt de beveiligingsfirma om de strepen te verwijderen onder verbeurte van een dwangsom van 1.000 euro per dag vertraging.  De rechter analyseert de gelijkenis tussen beide ontwerpen vanuit het oogpunt van de gemiddelde burger en komt tot het besluit dat beide inderdaad erg hard op elkaar lijken en dat het ene dus ontleend is aan het andere.

Die analyse verbaast ons niet echt.  Net zo min als de argumenten van veiligheid en openbaar belang, die terzijde aangehaald worden.  Wat ons wél verbaasd is dan één nochtans fundamentele vraag niet gesteld werd in heel dit geschil en dat is met name of het plaatsen van diagonale gele en oranje strepen op een politiewagen wel voldoende origineel is om auteursrechtelijk beschermd te kunnen zijn.   We hebben in het verleden al enkele keren uitgelegd dat elke originele creatie die een uiting is van de creatieve geest van zijn “auteur” auteursrechtelijk beschermd is van zodra ze tot stand komt, maar essentieel is natuurlijk wel dat er een minimale originele, scheppende inspanning is.  Het was interessant geweest om te zien wat een rechtbank zou zeggen over het plaatsen van 2 oranje en blauwe lijnen op een politievoertuig. Zelfs als ze specifiek onder een hoek van 40 graden geplaatst worden, zoals bij de Nederlandse politie, is het allesbehalve zeker dat dat volstaat om van een auteursrechtelijk beschermbaar werk te kunnen spreken.

De vraag is echter blijkbaar niet eens gesteld en we moeten dus met u vaststellen dat de blauwe streep op politievoertuigen auteursrechtelijk beschermd is.  Opgelet dus, want wie ze kopieert zal betalen.

Los van de inhoud van dit geschil, merkten we overigens voor een zoveelste keer op dat de vergoeding die de verliezende partij in Nederland dient te betalen om de advocatenkosten van de eiser te vergoeding exponentieel hoger ligt dan bij ons.  Daar waar een gelijkaardig geschil in België een rechtsplegingsvergoeding (= schadevergoeding voor advocatenkosten) van enkele honderden euro’s zou opleveren, werd in dit geval onder Nederlands recht een vergoeding van 7.140 euro opgelegd!

Het vonnis leest u hier.

 

 

Saviez-vous que… le droit à l’information peut être limité par le droit à la vie privée ?

Ces derniers jours, les médias ont mis à la une le tragique accident de bus survenu en Suisse, qui a coûté la vie à 22 enfants. Ils ont toutefois conçu leurs publications avec différentes sensibilités, certaines plus tapageuses, d’autres dans la sobriété. Ainsi, De Morgen présentait une page extrêmement dépouillée : aucune photo et un simple titre.

Au contraire, Het Laatste Nieuws et Het Nieuwsblad ont affiché non seulement les noms mais encore les photos des victimes de l’accident de Sierra. Ingrid Lieten, la ministre flamande des médias, s’est insurgée contre cet étalage, invoquant le respect au droit de la vie privée. Pour appuyer son propos, elle cite le « Code van de Raad voor de Journalistiek » : http://www.rvdj.be/journalistieke-code
« Minderjarige slachtoffers worden in de regel niet geïdentificeerd, minstens wordt uiterst terughoudend omgegaan met gegevens die identificatie mogelijk maken. Volledige identificatie en herkenbare beelden zijn in de regel niet toegestaan. »

Ce Code n’a pas été édicté par le législateur mais est le fruit du travail des journalistes eux-mêmes qui entendaient se doter d’un code de conduite. Mme Lieten leur demande donc de respecter les règles qu’ils se sont eux-mêmes imposées.
D’autres associations se disent également surprises par les unes de certains journaux (entre autres, Rondpunt http://www.rondpunt.be/, Ouders van Verongelukte Kinderen http://www.ovk.be/, Over-Hoop http://www.over-hoop.be/).
Het Nieuwsblad se défend en mettant en avant le caractère respectueux et non sensationnel de sa première page (qui contenait les photos des enfants en petit et noir et blanc).

Het Laatste Nieuws, quant à lui, ne comprend pas pourquoi il doit se défendre de ces accusations. Personne ne fustige les photos particulièrement choquantes des enfants syriens de Homs. Il souligne également le caractère public des photographies utilisées, disponibles sur divers sites web et affichées sur les écoles que fréquentaient les jeunes.  Les deux quotidiens voient leurs unes comme un hommage aux victimes.

Mais les journaux ont-ils le droit d’utiliser les photos de ces enfants ?

Selon le Code déontologique cité ci-dessus, la réponse penche plutôt vers la négative et une enquête sera probablement menée par le « Raad voor de Journalistiek ». Néanmoins, cet organe ne peut prononcer ni sanction, ni indemnisation et son avis n’est pas contraignant.
Selon la loi vie privée, une photographie est une donnée à caractère personnel qui ne peut être utilisée sans l’autorisation de la personne concernée ou, lorsqu’il s’agit d’enfants, sans l’autorisation de leurs parents.

Toutefois, ces photos ont été rendues publiques, que ce soit via le site web de l’école où les enfants sont inscrits, via les réseaux sociaux ou par tout autre moyen. Une autorisation implicite a alors été consentie à la diffusion de ces photos, pour certaines finalités (raisons) bien déterminées (ex : à des fins de communication avec un groupe d’amis, pour témoigner de son appartenance à l’école,…).

La publication des images par la presse suite à une tragédie ne rentre probablement pas dans les raisons pour lesquelles les photos ont été postées au départ. Or, si la finalité est différente, il faut en principe une nouvelle autorisation.

Le principe de nouvelle autorisation doit être tempéré par le droit des journalistes d’informer le public et d’illustrer leurs propos pour garantir la libre circulation de l’information. Les personnes concernées ne peuvent pas s’opposer à une publication en projet et le fait que les photos aient déjà été connues par le public pourrait signifier que leur utilisation ne pose pas problème.

Selon le droit à l’image, le consentement doit également être obtenu préalablement sauf si la personne était une personne publique. Dans ce cas-ci, on pourrait considérer que les enfants sont aujourd’hui des personnes publiques, suite à la catastrophe, et qu’ils retomberont dans l’anonymat par la suite et auront alors un droit à l’oubli.

En conclusion, rappelons que le droit à la vie privée et le droit à l’image doivent toujours être mis en balance avec la liberté de la presse et que l’utilisation des images doit être proportionnelle au but d’information poursuivi.

 

 

En wisten jullie dat Michael Jordan een Chinese sportartikelen fabrikant vervolgt voor merkinbreuk?

Basketballegende Michael Jordan heeft het Chinese bedrijf ‘Qiadon’ voor de Chinese rechtbanken gedagvaard voor het gebruiken van zijn naam, rugnummer en logo als handelsmerk zonder daarvoor zijn toestemming te hebben gevraagd. ‘Qaidon’ is inderdaad de vertaling van ‘Jordan’ en Chinese fans kennen hem dan ook bij deze naam. Daarnaast lijkt het logo van het bedrijf verdacht veel op het Jordan Jumpman logo:Jordan stelt terecht dat het Chinese bedrijf de Chinese consumenten doet geloven dat het enige link met de voormalige NBA Basketbalster zou hebben. Ondertussen heeft hij ook al een filmpje op het net gegooid waarin hij tracht zijn zaak kracht bij te zetten.

Ondanks de bijna identieke overeenkomsten tussen beide handelsmerken valt het te betwijfelen of Jordan onder Chinees recht wel zijn slag zal kunnen thuis halen. Het Chinese bedrijf gebruikt de naam ‘Qaidon’ sinds 2000 en Jordan heeft daar nooit tegen opgetreden. Daarnaast volstaat het niet onder het Chinees merkenrecht om de rechten op het buitenlandse, anderstalige handelsmerk te hebben, je moet ook kunnen aantonen dat je als eerste het Chinese handelsmerk hebt geregistreerd en gebruikt. Het zou overigens niet de eerste keer zijn dat een Westerse ondernemer tevergeefs tracht zijn intellectuele eigendomsrechten in China te handhaven.