Welke rechter is bevoegd ingeval van inbreuken op persoonlijkheidsrechten via het Internet?

Posted on 13/01/2012 door

0


Stel, je bent een onderneming die een website beheert waarop je over de actualiteit bericht. In één van de artikels op je website schrijf je over het privéleven van een bekende buitenlandse acteur en zijn relatie met een bekende internationale sterzangeres. Dit artikel wordt tevens geïllustreerd met foto’s die duidelijk werden genomen tijdens een privé-ontmoeting tussen de twee. De bekende buitenlandse acteur is ‘not amused’ wanneer hij dit te weten komt en sleept je voor de rechtbanken van zijn thuisland voor inbreuken op zijn privé-leven en portretrecht. Uiteraard betwist je de internationale bevoegdheid van die buitenlandse rechtbank aangezien het altijd aangenamer (lees: goedkoper) is om je te verdedigen voor je eigen nationale rechtbanken…

De hierboven geschetste feiten gaven aanleiding tot het arrest dat het Hof van Justitie op 25 oktober 2011 heeft geveld m.b.t. de betwisting de internationale rechtsbevoegdheid binnen de EU in dergelijke gevallen.

1.    Algemene regels

Binnen de EU stelt artikel 2 van de Verordening 44/2001 van 22 december 2000 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (hierna “Brussel I Verordening”) als algemeen principe dat personen die woonplaats hebben op het grondgebied van een lidstaat in beginsel worden opgeroepen voor de rechtbanken van die lidstaat. Daarnaast voorziet artikel 5 lid 3 Brussel I Verordening dat ten aanzien van verbintenissen uit onrechtmatige daad kan een persoon ook worden opgeroepen in een andere lidstaat, voor de rechtbanken van de plaats waar het schade verwekkende feit zich heeft voorgedaan of zich kan voordoen.

In dit verband had het Hof van Justitie in zijn Shevill arrest al geoordeeld dat een slachtoffer van een inbreuk op zijn persoonlijkheidsrechten d.m.v. drukwerk een procedure kan starten voor:

(i)      De rechtbanken van de plaats van vestiging van de verantwoordelijke uitgever en dit voor de volledige veroorzaakte schade; of
(ii)    De rechtbanken van de lidstaten waar het drukwerk werd verspreid en dit enkel voor de schade veroorzaakt in die lidstaten.

Echter was het onduidelijk wat hiervan de gevolgen waren voor een beweerde onrechtmatige internetpublicatie. Een internetpublicatie kan men immers wereldwijd raadplegen wat niet alleen de schade vergroot en een begroting hiervan bemoeilijkt, maar het ook bijna onmogelijk maakt om de verschillende plaatsen – en dus de bevoegde rechtbanken – aan te tonen waar de schade zich heeft voorgedaan.

2.    Beslissing Hof van Justitie

Het Hof van Justitie erkent in zijn arrest van 25 oktober 2011 de problemen m.b.t. de internetpublicaties en roept daarom een nieuwe regel in het leven die de eerder beschreven regels aanvult. Het Hof wijst de rechtbank van de plaats waar het slachtoffer van de publicatie zijn centrum van belangen heeft als bevoegde rechter aan voor alle schade veroorzaakt binnen de EU (iii). In principe heeft een persoon zijn ‘centrum van belangen’ op zijn gewone verblijfplaats. Het Hof benadrukt dat de twee hierboven beschreven regels (i) en (ii) inzake drukwerk blijven gelden als mogelijke alternatieven in het kader van internetpublicaties.

Ten slotte voegde het Hof er nog aan toe dat een internetdienstverlener niet aan strengere vereisten mag onderworpen worden dan die van toepassing zijn onder het recht van de lidstaat van vestiging van de internetdienstverlener. Dergelijke richtlijn zal de internationale bevoegde rechter dan ook in acht dienen te nemen bij het in concreto beoordelen van het schade verwekkend karakter van een internetpublicatie.

3.    Conclusie

Het hierboven besproken arrest is een welgekomen verduidelijking van de internationale bevoegdheidsregels inzake beweerde onrechtmatige (internet)publicaties. Voornamelijk ondernemingen uit de mediawereld, zoals kranten en tijdschriften, die naast hun traditioneel fysiek distributienetwerk ook actief op het internet zijn hiermee gebaat. Bij mogelijke problematische publicaties kunnen zij nu perfect inschatten voor welke rechtbanken en voor welke schade zijn kunnen aangesproken worden.

Indien u een internetonderneming bent die reeds met zulke problemen werd geconfronteerd, aarzel dan niet om ons te contacteren. Onze advocaten zullen u met raad en daad bijstaan.