Sirius Weekly 15, 6 januari

Posted on 06/01/2012 door

1


Een nieuw jaar, een nieuwe Sirius Weekly. Het hele Sirius Legal team wenst je alvast een succesvol, sprankelend en uitdagend nieuwjaar vol met sappige weetjes uit media-, IT en IP land! We heffen alvast het glas op jullie gezondheid!

Saviez-vous qu’en Suède, le piratage est une religion officielle?

En 2010, Gerson Isak, étudiant en philosophie, fonde le groupe suédois Kopimi (« Copy me ») en soutien au piratage et à la copie sur le net. Dès sa création, le groupe tente de faire reconnaître la religion du Kopimism par les autorités. Après deux réponses négatives, le groupe a finalement obtenu gain de cause.

Le Kopimism est devenu une religion officielle en Suède, comptant 3000 fidèles à travers divers pays. Cette nouvelle religion érige la copie en sacrement et a adopté la doctrine « l’information est sacrée ».

Suite à la reconnaissance du Kopimism, son fondateur, Isak Gerson, a déclaré au site TorrentFreak espérer que de nouveaux croyants rejoignent ses rangs :
“I think that more people will have the courage to step out as Kopimists. Maybe not in the public, but at least to their close ones. There’s still a legal stigma around copying for many. A lot of people still worry about going to jail when copying and remixing. I hope in the name of Kopimi that this will change.”

Cela semble en bonne voie lorsqu’on constate que le site de l’Eglise a déjà du mal à gérer ses visiteurs.

Alors que les sites de piratage, tels Pirate Bay, sont poursuivis sans relâche en Belgique, qu’ils sont soumis en France à la sévère loi Hadopi et qu’ils sont sur le point d’être proscrits aux Etats-Unis par le projet de loi SOPA, la Suède les admet curieusement comme objet de culte.

Les Kopimistes pourraient-ils maintenant échapper aux poursuites judiciaires en cas de partage et d’échanges de fichiers ? L’Etat suédois, comme la Belgique, reconnait en effet le principe fondamental de liberté de religion et de culte. Pourrait-on dès lors condamner un kopimiste qui se contente de pratiquer son culte ?

Wist je dat Christian Louboutin er voorlopig niet in slaagt zijn handelsmerk – de welbekende rode zolen –  te beschermen?

Christian Louboutin en Yves Saint Laurent (YSL) liggen als sinds begin 2010 met elkaar overhoop over het al dan niet beschermd zijn van de welbekende rode zolen. YSL had namelijk een paar rode pumps met rode zolen op de markt gebracht die zeer sterk lijken op de Louboutin pumps. Christian Louboutin spandde dan ook een rechtszaak in wegens schending van hun handelsmerk (geregistreerd in 2008)  voor de rechtbanken in Amerika.

Echter sprak de eerste rechter zich tegen Louboutin uit omdat de rode kleur van de zolen niet als een voldoende onderscheidend kenmerk werd beschouwd. De rechtbank vreesde immers dat Louboutin een monopolie op de rode kleur van schoenzolen zou verkrijgen, wat verregaande gevolgen zou hebben in de modewereld.

Dergelijke mening wordt nu ook bijgetreden door 11 professoren in het recht die een brief hebben geschreven aan de rechtbank die in hoger beroep zal oordelen. Zij stellen dat het beroep verworpen zou moeten worden om de vrijheid van innovatie en mededinging te beschermen. Nochtans zijn vele kenners in de modewereld wel van mening dat de rode zolen onlosmakelijk verbonden zijn aan het Franse modehuis. Bovendien werden, in bepaalde omstandigheden, kleuren wel reeds als handelsmerk aanvaard. Denk maar aan het blauw van Tiffany’s.

In de EU kan een kleur als handelsmerk worden gedeponeerd op voorwaarde dat:

–    De kleur gedefinieerd wordt d.m.v. een kleurencode zoals RAL of Pantone; en
–    Een voldoende onderscheidend vermogen heeft verworven door het gebruik ervan.

Heb je vragen m.b.t. de bescherming van jouw handelsmerk? Aarzel dan niet om één van onze advocaten te contacteren.


Wist je dat elke eerste dag van het nieuwe jaar “Public Domain Day” wordt gevierd?

Public Domain Day is de dag waarop de bescherming van bepaalde auteursrechtelijke werken vervalt en deze werken als het ware in het “publiek domein” terecht komen. De bescherming geboden door het auteursrecht op creaties is immers in de tijd beperkt tot 70 jaar na het overlijden van de auteur. Dit betekent concreet dat vanaf 1 januari 2012 alle werken van auteurs die overleden in 1941, niet langer worden beheerd door hun erfgenamen of rechthebbenden, maar publiek erfgoed worden. Ook dit jaar mogen we opnieuw een aantal grote namen uit de literatuur en de kunstwereld verwelkomen in het publiek domein zoals James Joyce (Iers schrijver en dichter die o.a. Ulysses schreef), Virginia Woolf (Engelse schrijfster die o.a. bekend werd met haar roman Mrs. Dalloway) en de Belgische beeldhouwer George Minne. Ook de naam Louis-Joseph Chevrolet zal u wellicht bekend in de oren klinken…

Wat betekent dit concreet? Wel, vanaf nu mogen al de beelden, boeken, gedichten, foto’s en andere kunstwerken en creaties die tot het publiek domein behoren, vrij worden gekopieerd, uitgegeven, gereproduceerd, bewerkt,… Zo kunnen de boeken van Virginia Woolf nu bijvoorbeeld vrij verfilmd worden zonder dat men toestemming aan de auteur of rechthebbende moet vragen. Je kan ook reproducties maken van de beelden van George Minne en deze verkopen zonder toestemming, passages van Ulysses vrij publiceren op je website of een professionele heruitgave van het boek plannen. Je kan de gedichten van James Joyce bewerken in teksten voor een nieuw liedje of een toneelstuk schrijven gebaseerd op één van zijn boeken. Kortom, de mogelijkheden zijn talrijk en de schat aan kunstwerken waarover het publiek op die manier kan beschikken, is van onschatbare waarde!


Wist je dat ook videogames auteursrechtelijk beschermd zijn en de heruitgave van oude klassiekers daar nu onder lijdt?

Auteursrecht is in principe een simpel gegeven: wie als natuurlijke persoon een tekst, beeld, geluid, vorm, choreografie, … creëert heeft in principe automatisch, zonder enige vormvereiste en onmiddellijk vanaf de creatie de auteursrechten op die creatie.  Er zijn maar twee voorwaarden: de creatie moet origineel zijn (niet eerder bestaan) en moet een effectieve scheppende, creatieve daad vereisen (niet de artistieke waarde of schoonheid, maar wel het feit dat er over de creatie is nagedacht is van belang).

Het auteursrecht geeft aan de houder ervan heel wat rechten.  Enerzijds zijn er ”morele rechten”, zoals het recht om zijn naam vermeld te zien bij een werk, het recht om zijn werk al dan niet (een eerste keer) aan het publiek te vertonen of het geheim te houden, het recht op respect voor zijn werk en anderzijds heeft de auteur ook “vermogensrechten”, die het hem mogelijk moeten maken om geld te verdienen aan zijn werk.  Hierin zijn onder meer begrepen het recht om het werk te kopiëren, te bewerken, uit te geven, publiek te vertonen, …

Wat interessant is in deze digitale tijden, is dat het auteursrecht niet alleen bescherming biedt voor muziek, schilderijen,  boekwerken en films, maar ook voor heel wat digitale creaties, zoals bijvoorbeeld videogames.  In een game zitten immers heel wat elementen die elk op zich voor auteursrechtelijke bescherming in aanmerking komen (script, decors, animaties, muziek, personages, ..).  Bovendien kan een game, net als een film, als geheel evenzeer auteursrechtelijk beschermd zijn.

De voorbije 40 jaar zijn er al heel wat klassiekers  gecreëerd in de game wereld, van het stokoude Space Invaders tot recente classics als Tomb Raider of World of Warcraft.  Al die games zijn in principe auteursrechtelijk beschermd.  De bescherming loopt immers tot 70 jaar na het overlijden van de (laatst overlevende) auteur en daaraan zijn we met de bestaande games nog lang niet toe.

Die lange auteursrechtelijke bescherming blijkt nu echter steeds vaker een aantal praktische problemen te stellen.  Vele auteurs van (onderdelen van) klassieke games zijn immers zoals het cliché het wil zolderkamer-IT’ers, die destijds niet altijd erg zorgvuldig zijn omgesprongen met het contractueel verzekeren van hun rechten.  Hierdoor is het vandaag erg moeilijk geworden om voor heel wat van die oude games te achterhalen wie er nu precies de auteursrechten op heeft.  Bij een gezamenlijk gecreëerd werk, heeft immers iedereen die eraan meewerkte auteursrechten en dat kan bij een game al snel een grote groep mensen worden. Als niet voor iedereen daarvan geschreven overeenkomsten bestaan in verband met de overdracht van hun auteursrechten aan producers/uitgevers, wordt het dertig jaar later erg moeilijk om te achterhalen wie er precies allemaal meewerkte aan een bepaalde game.

En daar ligt blijkbaar precies het probleem vandaag: heel wat van die classics zouden bij heruitgave een groot publiek aanspreken en die games zouden dus, ondanks de verouderde technologie erachter, best nog wat geld in het laadje kunnen brengen.  Alleen is voor heruitgave de toestemming (in ruil voor een vergoeding meestal) nodig van alle auteursrechthebbenden.  Elke uitgave zonder toestemming is plagiaat en daarop staan zware straffen.

De anarchistische omstandigheden die een jonge sector zo vaak kenmerken blijkt met andere worden vandaag in sommige gevallen een bezwaar om enkele van de pareltjes uit onze elektronische geschiedenis een tweede leven te gunnen.

Moraal van het verhaal: onderschat het belang van uw intellectuele eigendom niet en neem de tijd om goede afspraken op papier te zetten voor u aan een project begint…