Belgische rechter bevestigt rechtsgeldigheid van Creative Commons licentie

Posted on 06/11/2010 door

0


Het gebeurt steeds vaker dat auteurs of kunstenaars beslissen om hun creaties (muziekwerken, boeken, kunstwerken, …) te delen met de wereld onder een Creative Commons licentie.

Onder de gewone regels van het auteursrecht heeft alleen de auteur of kunstenaar het recht om toestemming te verlenen tot het gebruik van zijn werk en om in ruil voor die toestemming de vergoeding te vragen die hij gepast acht.  Bij een Creative Commons licentie beslist de auteur om het gebruik van zijn werk onder bepaalde voorwaarden sowieso toe te staan.  Hij doet met andere woorden eenzijdig en vrijwillig afstand van zijn exclusieve controlerecht over zijn werk en geeft het gebruik van dit werk gedeeltelijk vrij aan de wereld.

Op de website van Creative Commons kan de auteur of kunstenaar door middel van een reeks pictogrammen kiezen voor één van de zes standaardlicenties van Creative Commons.  De auteur of kunstenaar kan ervoor kiezen om iedereen vrij zijn werk te laten gebruiken onder voorwaarde dat de naam van de auteur vermeld wordt, dat er enkel niet-commercieel gebruik gemaakt wordt van zijn werk, dat zijn werk niet gewijzigd wordt of dat het wel mag gewijzigd worden, maar dat de gewijzigde versie onder dezelfde Creative Commons licentie beschikbaar gesteld wordt aan derden.

In tegenstelling tot wat geregeld gesteld wordt is Creative Commons geen alternatieve vorm van auteursrecht, die afwijkt van het klassieke auteursrecht zoals dit in de Auteurswet van 30 juni 1994 is opgenomen.  De auteur of kunstenaar die zijn werk onder Creative Commons ter beschikking stelt van derden, doet immers niets anders dan gebruik maken van het exclusieve controlerecht dat de auteurswet hem verleent om al dan niet toestemming tot het gebruik van zijn werk te geven en om aan deze toestemming de voorwaarden te koppelen die hij gepast acht.  De Creative Commons pictogrammen zijn in die zin niet meer dan een publieke mededeling van de auteur dat hij zich niet zal verzetten tegen bepaalde gebruiken van zijn werk (als zijn naam vermeld wordt, als er geen commercieel gebruik gemaakt wordt, als er geen wijzigingen aangebracht worden, …).  Voor alle exploitatiewijzen die niet door de Creative Commons pictogrammen gedekt zijn, blijft de auteur of kunstenaar volledig meester of zijn werk en beslist hij en alleen of en onder welke voorwaarden hij toestemming wil geven voor het gebruik van zijn werk.

Niettemin stelde zich de voorbije jaren in een aantal landen geregeld de vraag in welke mate Creative Commons licenties verenigbaar zijn met het auteursrecht en in welke mate derde-gebruikers gebonden zijn door de voorwaarden die in de Creative Commons licentie vooropgesteld worden.  Eerdere rechtzaken in de VS, Nederland, Spanje en Bulgarije bevestigden reeds de rechtsgeldigheid en bindende kracht van Creative Commons licenties in deze landen.  Onder meer de uitspraak in Nederland, waarbij Adam Curry zich verzette tegen het gebruik van foto’s uit zijn Flickr account kreeg destijds heel wat media-aandacht.

Voor het eerst oordeelde nu ook een Belgische rechter dat een Creative Commons licentie bindend is voor derde-gebruikers en dat het niet naleven van de voorwaarden van de Creative Commons licentie een inbreuk uitmaakt op het auteursrecht van de auteur of kunstenaar.

De rechtbank van eerste aanleg te Nijvel deed vorige week uitspraak in een zaak waarin de organisator van het Festival de Théâtre de Spa een nummer van de folkband Lichôdmapwa had gebruikt in een reclamespot (Trib. Nivelles, 25 oktober 2010, rolnummer 09/1685/A).  Het nummer in kwestie was beschikbaar gesteld op internet door Lichôdmapwa onder de Creative Commons licentie “Naamsvermelding-NietCommercieel-Geenafgeleidewerken”, hetgeen inhoud dat het werk niet mag gebruikt worden voor reclamedoeleinden, niet mag gewijzigd worden en dat de naam van de auteurs steeds vermeld moet worden.

Het Festival de Théâtre de Spa leefde in casu geen enkele van de drie voorwaarden na: zij vermeldden niet de naam van de auteurs, bewerkten het nummer door het in te korten tot 20 seconden en gebruikten het werk voor een duidelijk commercieel (reclame-)doel.

De rechtbank bevestigt dat de beperkende Creative Commons voorwaarden bindend zijn en dat een professionele organisator als het Festival de Théâtre de Spa de draagwijdte ervan moet kennen of onderzoeken alvorens een werk dat op internet beschikbaar is gesteld zomaar te bewerken en gebruiken.

Voor zover er enige twijfel over zou kunnen bestaan, is hiermee bevestigd dat Creative Commons licenties ook in België geldig en afdwingbaar zijn.

Als voetnoot kan opgemerkt worden dat wat de toegekende schadevergoeding betreft, het vonnis wel voor enige betwisting vatbaar is.  De rechtbank oordeelde dat de artiesten in kwestie niet consequent waren met zichzelf omdat ze enerzijds hun werk vrij geven en aldus afstand doen van de commerciële exploitatie ervan, maar dat zij anderzijds wel een aanzienlijk schadevergoeding vorderen op basis van wat de rechtbank “een commercieel tarief” noemt.  Nochtans geldt als basisprincipe in het auteursrecht dat de auteur en alleen de auteur de vergoeding voor het gebruik van zijn werk bepaalt.  De redenering van de rechtbank is dan ook zeer moeilijk om volgen.  Het is immers niet omdat een auteur of kunstenaar beslist dat zijn werk gratis mag gebruikt worden voor niet-commercieel gebruik dat diezelfde auteur niet het recht heeft om zeer strenge (financiële) voorwaarden te stellen aan elk gebruik dat wel als commercieel beschouwd moet worden.